logo

Job Hansen

Grongingen 1899 1960 Groningen

Job Hansen kwam in 1899 in Groninger ter wereld. Al vroeg
toonde hij grote belangstelling voor kunst. Hij verkoos echter de Hogere
Handelsschool boven de kunstacademie. Toen hij voor zijn werk in Amsterdam
ging wonen betrok hij een kamer in hetzelfde huis als Johan Dijkstra. Via Johan
Dijkstra leerde hij Jan Wiegers kennen. In 1922 verhuisde hij terug naar
Groningen alwaar hij een betrekking als bouwkundig tekenaar had weten te bemachtigen
op een architectenbureau. Job Hansen had grote belangstelling voor de moderne
bouwkunst zoals die van de architecten van ‘De Stijl’. In Groningen sloot hij
zich aan bij de kunstenaarskring ‘De Ploeg’. Hoewel hij nog geen schilder was
werd hij om zijn scherpe blik gewaardeerd. In 1924 werd hem de vraag gesteld de
jaarlijkse Ploegtentoonstelling te organiseren. Door Hansens uitgesproken
voorkeur werd het de meest besproken en de meest modernistische Ploeg tentoonstelling
ooit. Zijn eigenzinnig varen leverde hem echter veel kritiek van behoudender leden
op en Hansen besloot in 1925 voor het lidmaatschap van De Ploeg te bedanken.
Toen hem in 1927, vanwege het uitblijven van opdrachten, eervol ontslag werd
verleend bij het architectenbureau besloot Hansen zich volledig aan de kunst te
wijden. Samen met Jan Altink schilderde hij het platteland boven Groningen.
Hansen ontwikkelde zelf de techniek van de benzinerellen waarbij hij met
benzine verdunde olieverven gebruikte die hij op wit geschilderde
triplexplaten. Vanaf 1933 werkt Hansen vooral in zijn atelier aan de
Grachtstraat alwaar hij op de zolderverdieping een atelier had gebouwd. Dit atelier was een soort observatorium van waaruit Hansen zijn directe woonomgeving in vlotte schilderijen vast legde. Hansen blijft een echte plein air
schilder die zijn onderwerp vindt in de directe waarneming. Zijn techniek wordt nog experimenteler  zijn kleurgebruik expressiever  en de voorstelling nog schetsmatiger.  De ontdekking van Hansens werk in 1953 door
de directeur van het Stedelijk Museum in Amsterdam Willem Sandberg zorgt voor Job Hansens grote doorbraak. In zijn atelier heeft Hansen inmiddels een experimenterende
techniek ontwikkeld die direct aansluit bij de naoorlogse avant garde als
CoBrA. Het werk van Hansen wordt niet alleen in belangrijke Nederlandse Musea
als het Stedelijk Amsterdam, het Stedelijk Museum Schiedam en het Groninger
Museum maar ook in internationale musea in Valdagno, Milaan, Brussel, München
en Parijs. Kort na deze tentoonstellingen overlijd Hansen echter.